Gepubliceerd op: donderdag 21 april 2011
Beleggers in Nederlandse staatsobligaties hadden in het eerste kwartaal van 2011 te maken met forse koersdalingen. Aan het einde van het eerste kwartaal veroorzaakte de oplopende kapitaalmarktrente een koersverlies van ruim 7,6 miljard euro. Dat is een verlies van bijna 3 procent vergeleken met eind 2010.
Het koersverlies kon door de rente op staatsobligaties niet worden goedgemaakt, maakte het CBS maandag bekend.
Sinds september 2010 stijgt de kapitaalmarktrente. Enkele landen van de Europese Unie hadden daarnaast problemen met hun overheidsfinanciën, wat zich vertaalde in lagere koersen voor staatsobligaties. Ondanks dat wisten beleggers in staatsobligaties over 2010 een koerswinst van bijna 4 miljard euro te realiseren. Dat staat gelijk aan een rendement van bijna 2 procent.
Bedrijfsobligaties
Behalve staatsobligaties leidden ook bedrijfsobligaties verliezen in het eerste kwartaal van 2011. Dit verlies was met 1,5 procent echter wel kleiner dan het koersverlies van staatsobligaties. Bedrijfsobligaties kennen over het algemeen een hogere rentevergoeding dan de meer solide staatsobligaties, omdat de belegger met bedrijfsobligaties meer risico loopt. De koersen van bedrijfsobligaties deden het de laatste maanden minder slecht, omdat beleggers eerder voor bedrijfsobligaties kozen dan voor staatsobligaties, redeneert het CBS.
Koerswaarde
De totale koerswaarde van obligaties op de Amsterdamse beurs bedroeg aan het einde van het eerste kwartaal van 2011 volgens het CBS 881 miljard euro. Dat is 4 miljard minder dan eind 2010. De totale koerswaarde van obligaties bestaat uit het saldo van de koersen, de emissies en de aflossingen.
Auteur: Monique Vernooij |